zondag 9 augustus 2015

The end is near...

Die twee dagen rust op de camping in Langeac deden ons alle drie deugd. Hoewel Fritz en Frieda op rustdag 2 toch wel alweer de kriebels in de benen kregen. We sprongen dus met veel courage opnieuw op de fiets. 

We hebben nog een zee van tijd en besloten daarom om korte etapes te fietsen. Nu voor echt! 

Dinsdag reden we een 30-tal prachtige kilometers. Omdat er geen camping in de buurt was, logeerden we nog eens in een chambre d'hôte. Mon dieu, wat een fijne ervaring. Na nonkel Pol en tante Isabelle is dit het beste adres waar we tot nu al logeerden! Een Spaans-Frans koppel dat vooral kinderen in noodsituaties opvangt en kinderkampen organisereert, een klein boerderijtje runt in "het hol van Pluto" (dichtstbijzijnde supermarkt is 25km verder!) en daarbij nog eens zoveel mogelijk zelfvoorzienend probeert te zijn! 
Fons en Marcel waren er ongelofelijk welkom. Bovendien was de zolderverdieping van hun huis helemaal ingericht als speelkamer! Dolle pret voor onze twee jongens! En daarbovenop (en toen gingen die grote, bruine ogen pas echt open) had dit koppel ook een aantal geiten, kippen en konijnen die Fons mee mocht voederen. Hij mocht zelfs proberen om een geit te melken! Wat wil een kind nog meer... 
Wij kwamen hier al vroeg in de namiddag aan. De kinderen hadden dus ruimschoots de tijd om te profiteren van al dat speelgoed. En wij konden een keer op ons lui gat zitten. Zalig!
Dit adresje was niet alleen voor de kinderen een paradijs. Ook wij werden verwend met lekker eten, een mooi uitzicht en interessant gezelschap. Jammer dat we net een paar rustdagen achter de rug hadden, anders hadden we hier zeker nog een extra nachtje gebleven. 

De volgende ochtend of eerder middag (het was al behoorlijk tegen de middag toen we weg fietsten) reden we richting Saint Flour. Alweer niet heel erg ver, maar dat kwam omdat we in Saint Flour op zoek gingen naar een fietsenmaker. 
En die vonden we ook. We vonden er zelfs eentje die bereid was om meteen naar Fritz zijn krakende fiets te kijken! Fritz bleek gelijk te hebben, versleten roulementen. Bij gebrek aan voorradige roulementen, werd de boel weer dicht gegooid. De fietsenmaker verzekerde ons dat de trapas het wel ging houden tot Figeac. En wijlen weer weg... 

Een dag later reden we in een vreselijke hitte naar een kleine maar wel heel fijne camping in Neuvéglise. Alles was er verouderd, maar de sfeer zat er wel goed. Wij werden uitgenodigd voor een aperitief met de andere kampeerders. Gezellig! 
Bovendien werd ons vers brood, stokbrood uiteraard, 's ochtends aan de tent geleverd! Of Marcelletje stokbrood eet met zijn enige vier snijtanden, vraagt u zich verwonderd af?! Dat gebeurt, maar 's ochtends eet meneer een croissantje! Geen malse gesneden boterhammen hier. Wij moeten dus vaak op zoek naar alternatieven. 's Morgens is dat een croissantje, bij de picknick vaak een melkbroodje. 

Nog iets... Onze benen zijn stilaan een eigen leven gaan leiden. Alsof die versmolten zijn met onze fiets en niet meer bij ons lichaam horen. Als een machine duwen ze al die kilo's telkens naar boven. Ik wil niet weten hoeveel omwentelingen ze de voorbije weken reeds maakten.

Je kent wel een situatie waarin je vertelde dat je al lang niet meer bent ziek geweest, en een week later lig je met griep in bed. Wel, wij hadden iets dergelijks met onze kinderen. In de namiddag nog één en al stoef over hoe flink ze wel niet zijn, en tegen de avond hadden we ze het liefst in een verre boom willen hangen, stevig vastgebonden. Woehaha...
Fons en Marcel voelen ondertussen (meestal) aan wat er van hen verwacht wordt. Als wij de tent opzetten en afbreken, dan mogen zij rustig spelen. Zij hoeven dus echt geen twee tassen uit te pakken als ik er net ééntje heb ingepakt. Na een maand fietsvakantie weten ze dat ondertussen wel (dat heeft wel wat tijd gekost eigenlijk). Behalve die ene dag! Stout, ow zo stout dat die kinders waren! Gruwelijk! Marcel danste tot 21.30u rond de enige paal in onze tent. Fons gierde het uit van het lachen. En wij vroegen ons af wanneer ze nu eindelijk zouden slapen...

En als die vermoeiende avond nog niet genoeg was... We stonden de dag nadien op met regen. Pijpestele regen. Dikke, vette, Belgische herfstdag regen. De hele dag... Het viel met bakken uit de lucht. Het leek alsof we recht met fiets en al de Lot waren ingereden... Mon dieu! De enige twee die droog bleven, waren Fons en Marcel... Tot het moment dat ze in de fietskar hun waterflesjes over elkaar uitgoten. De pret was groot in de fietskar. Toen moeder de vrouw, alias Frieda de kar open deed en Marcel zag zitten met zijn laatste propere kleren helemaal nat en het haar tegen het gezicht geplakt, was de pret snel over.
Nou, geen camping voor ons die nacht, maar een warm en droog hotel. En warm was het zeker! Zowel Fritz als Frieda lagen de voorbije nacht twee uur wakker... van de warmte. Bovendien was de kamer net een wasserette. Alle natte kleren werden aan de waslijn omhoog gehangen om te drogen.

Vandaag reden we langs de rivier de Lot, in de vallei dus. Het Centraal Massief ligt nu achter ons. Mijn schietgebedje van twee weken terug heeft gewerkt. Het Centraal Massief was mild voor ons. We genoten (en we vloekten bij momenten, maar dat tussen haakjes). Een nabeschouwing volgt weldra...

Wij zijn er bijna, we zijn er bijna, maar nog niet helemaal... 
Nog 30km te gaan. Morgen komen we aan op onze bestemming, zijnde Figeac. Dan zit het er op... Jammer! Heel jammer! Blij dat we er zijn enerzijds, en pipi-kaka omdat het avontuur er op zit anderzijds... Maar de Franzosen komen ons morgen ochtend vergezellen. En zo fietsen we de laatste 30km samen. Gezellig! Wij kijken er naar uit!

Maar eerst nog een laatste nacht in onze vochtige, klamme, koude tent. Op matjes die leeglopen en die elke twee uur opnieuw moeten worden opgeblazen. Tussen woelende kinderen die tollen in de tent, dwars door alles heen. Nog een laatste keer voor echt...

Tot in den draai...

Fritz, Frieda, Fons en Marcel



Zoon van een bioloog...

Zoon van diezelfde bioloog...

Dolle pret in de speelkamer.

Fons voedert de kippen...

Fons mag helpen de geiten melken, maar vindt het toch maar een beetje bangelijk.

Fons geeft de geiten water.

Oohhh... Kleine konijntjes...

Met gastheer en -vrouw van een wel heel fijn adresje!


Goeiemorgen!

Neuvéglise... Toffe camping, maar vreselijk om er te geraken!



Marcel voeden... "Kom Marcel, kom nog een hapje halen!" 't Kind zit geen twee minuten stil! (Moeke Lien zal content zijn over twee weken.)




Picknicken! Een mens heeft dan eens een tafel en een bank, en dan ligt men nog op de grond...


Pont de Tréboul.

Regen, regen en nog eens regen!

"Oei, mama is boos precies..."

"Oei, we mochten precies niet met water spelen in de fietskar bij dit regenweer..."

Woehaha...




Een laatste keer de bedjes opgemaakt...

vrijdag 31 juli 2015

Allei seg...

Het lijkt de laatste dagen alsof de Fransen op de hoogte zijn van deze blog en er af en toe een schepje bovenop doen zodat wij een goed verhaal kunnen brengen. Mijn god, wij stonden de voorbije dagen al een paar keer met onze mond open. Ware het niet van het gedrag van de Fransen, het was van het landschap.

Wij zijn nog steeds alive and kicking en al flink gevorderd in het Centraal Massief. Enkele dagen geleden vertrokken wij in onze chambre d'hôte in Tence richting le Puy. Nog geen 5km klimwerk ver of Fritz zijn ketting bevond zich op het asfalt in plaats van op de tandwielen van zijn fiets. Kettingbreuk dus. Een fietstas die wij "het alaam" noemen (wij hebben ook "de keuken", "de slaapkamer", "de conserven", enz.) werd zenuwachtig uitgekeerd in de middenberm... Het gepaste werktuig (een kettingpons heet zoiets blijkbaar) thuis vergeten. Fritz kon zijn ketting dicht knijpen met een tangetje maar dat was geen lang leven beschoren. Dan maar de fietskar aan mijn fiets en terug naar Tence.

Een fietsenmaker vinden in Tence ging ontzettend vlot. Een fietsenmaker vinden die bereid was om ons onmiddellijk te helpen, dat was een uitdaging!
De dame van de enige fietsenwinkel in Tence wilde ons niet helpen. Zij was bang van Fritz! Stel je voor seg, stapt er ineens een man met een baard in een marcelleke de winkel binnen... Levensgevaarlijk! Ze moet Fritz een leguber type gevonden hebben of zoiets... Ze tikte een aantal keer op haar uurwerk om ons duidelijk te maken dat het bijna middag was en dat ze dus dringend haar winkel ging sluiten. Het was onmogelijk om ons te helpen. 
Gelukkig kwam op dat moment de fietsmaker himself de winkel binnen. De man in kwestie had ook niet meteen tijd (hij moest met een grasmachine en ander tuinmateriaal sleuren) om de ketting te repareren. Gelukkig was hij wel bereid om de nodige spullen te verkopen. En zo zaten wij dus voor de fietsenmaker eigenhandig onze fiets te herstellen... 

We wilden die dag 50km fietsen van Tence naar le Puy (pelgrimsoord in het dal van de Loire). Omwille van het kettingprobleem werd le Puy die dag onbereikbaar voor ons. 

We stopten die dag met fietsen in Queyrières op een hoogte van plus minus 1000m, net na de beklimming van de Col du Meygal (op 1265m en het hoogste punt van onze route). Zelfs al bent u een echte Frankrijkkenner, die naam zegt u wellicht niks. Dat komt omdat Queyrières een gehucht is. Een scheet groot en slechts een twintigtal huizen. In ons routeboekje stond vermeld dat er een camping was. We vroegen het na bij een vriendelijke heer op straat. Hij toonde ons het dorpsplein. Daar mochten we ons tentje gratis en voor niks opstellen. Er was een hokje met een toilet en er was drinkbaar water! Met lichte tegenzin van mezelf en groot enthousiasme van Fritz (altijd zin in avontuur) installeerden wij onze tent op het dorpsplein. We hadden nog net genoeg proviant om 's avonds te kunnen koken voor onszelf en de kinderen. 
Nu waren wij daar wel heel schoon gelogeerd (het uitzicht was prachtig), het weer wou niet echt mee. Er stond een koude wind en de temperatuur zakte snel ('s nachts tot 6 graden!!!). Fons mocht 's avonds voor het slapen gaan met ons een kopje kruidenthee drinken om op te warmen. Zijn allereerste keer thee. 't Kind was megafier! 
Na een kopje thee gingen wij snel naar bed. Het was slechts 21.20u, maar de kou was ondragelijk. Beide kinderen gingen stijf van de kleren hun bed in. En wij sliepen als rozen! Tot 8.45u! Een record! Dat we die nacht elke twee uur opstonden om onze matrasjes bij te blazen laten we buiten beschouwing.
Brood hadden we helaas niet voldoende. 's Ochtends gingen onze overige 4 sneden brood naar de kinderen. We moesten het stellen met elk een halve banaan en wat nootjes en rozijnen. En fietsen maar...

Onderweg naar le Puy werden we ongerust door het voortdurende gekraak aan de trapas van Fritz... Dat beloofde niet veel goeds... We sloegen de tent op in le Puy. Hier wilden we een fietsenmaker zoeken die naar de trapas kon kijken. Geen enkele fietsenmaker te vinden! Ze rijden daar niet met de fiets, zei de dame van de camping...

Ik had 's avonds op de camping nog geen 10 minuten uitgesproken dat de camping helemaal vol zat, als er een overvolle Tsjechische bus arriveerde. Al deze mensen kwamen ook kamperen! Een half uur later zag de camping in le Puy er als een camping van Rock Werchter uit! Wij zaten als haringen in een bokaal! 
De mensen uit die bus bleken Tsjechen te zijn die fietsten in Frankrijk. Zij hadden een fietstechnieker mee. Een van onze kampeerburen vertelde ons dat die technieker ons 's ochtends ongetwijfeld kon helpen met die krakende trapas... 
's Morgens krijste Marcelletje om 6u 's ochtends alle andere haringen uit die bokaal wakker...
Vol hoop deden wij het die ochtend bij het inpakken rustig aan. Die technieker moest immers toch nog naar Fritz zijn fiets kijken. Pas toen onze Tsjechische buren één voor één verdwenen, kwam het besef dat dit niks zou worden... Nog steeds een krakende trapas dus... De eerstkomende fietsenmaker zit op 100km van le Puy.

De volgende rit ging van le Puy naar Langeac. Een rit van 53km, waarvan een kleine 30km klimmen en net geen 1000 hoogtemeters. De rit bracht ons van het dal van de Loire, over de Col de Peyra Taillade (1190m), naar het dal van de Allier. Wij moesten het grootste deel van de dag klimmen, maar voor al dat klimwerk wordt een mens twee keer beloond: met een mooi uitzicht en met een afdaling! Een lange, schitterende afdaling. Ééntje waar een mens gelukkig van wordt! Wauw! 

We bevinden ons ondertussen al twee dagen op een fijne camping in Langeac. Er is een zwembad, een rivier, veel bomen die schaduw bieden (want het is hier heet), ... Meer moet een mens niet hebben. Morgen gaan we opnieuw fietsen. We zijn uitgerust, de was is gedaan en het haar is van de benen. Tijd om door te gaan dus. Nog 200km tot Figeac...

Vele warme groeten,

Fritz en Frieda
Fons en Marcel

Kettingbreuk potdomme!

Voor de fietsenmaker zelf je fiets repareren... Proper!

Als je dacht dat onze kinderen altijd vredig spelen, mis gedacht. Meestal zijn wij de speeltuin. Geen rust voor ons!

En wordt er in stilte gespeeld, dan gaan we beter eens kijken. "Neen Marcel, niet aan de ketting prutsen." En dat een keer of 100 per dag.

Straffe kerel, die Fritz. Tegen zijn billekes wilt ge niet lopen. Hard als beton!

Kampeerplek in Queyrières.


Fritz en Fons beklommen de rots in Queyrières.

Een eerste keer thee voor Fons... Magisch vond hij dat!

Le Puy

Zalige picknick plaats tussen le Puy en Langeac. Waar wij konden uitblazen na 17km klimmen en waar de kinderen chocoladetaart bakten van aarde en gras!




Groot nieuws: Marcel stapt! 

Midden Frankrijkroute, Col de Peyra Taillade



Bij de orgelpijpen van Prades.


Rustdag = kleurdag

Rustdag dus...

Rustdag = wasdag

Rustdag = ijsjesdag

Ijsjesdag dus...




Rustdag = zwemdag


Als een vis in de Allier.